nl-NLen-GB

'Nemo-teneturbeginsel': rechtbank Amsterdam schuift op naar Europese uitleg

Rechtbank Amsterdam maakt – terecht – duidelijk dat onder het ‘nemo tenetur-beginsel’, oftewel het recht van een verdachte om zichzelf niet te belasten, óók gaat over stukken. Het gaat erom of justitie of andere autoriteiten hier zelf aan kunnen komen (door een doorzoeking), of dat de verdachte wordt gedwongen om die – belastende – stukken te geven.   De rechtbank overweegt onder andere:

In de zaak Saunders ging het om het later gebruik van tijdens een niet-punitief onderzoek onder wettelijke en met straf bedreigde meewerkplicht verkregen informatie. Uit het arrest van het EHRM blijkt dat dat ontoelaatbaar is, behalve voor zover het gaat om bewijsmateriaal dat ook los van de wil van de onderzochte/verdachte reeds bestond en zonder diens medewerking door eigenmachtige toepassing van dwangmiddelen zoals doorzoeking en inbeslagneming door de autoriteiten veilig gesteld zou kunnen worden (hierna te noemen: Saunders-materiaal). Het EHRM maakt kennelijk onderscheid tussen een (actieve) meewerkplicht en een duldplicht; tussen materiaal voor de verkrijging of kennisneming waarvan de actieve medewerking van de verdachte (een wilsbesluit) vereist is en materiaal dat ook verkregen kan worden door uitoefening van dwangmiddelen waarbij de verdachte 'slechts' iets hoeft te ondergaan, zoals een telefoontap, doorzoeking, inbeslagneming, wangslijrnatheming, ademproef, bloedproef, etc.

In de zaak J.B. dichtte het EHRM de gevorderde documenten expliciet geen bestaan onafhankelijk van diens wil toe en beschouwde het hof die documenten dus niet als Saunders-materiaal, terwijl het wél om reeds bestaande documenten ging. Uit dit arrest volgt dat pas van Saundersmateriaal sprake is als aan twee eisen voldaan is: -

- niet alleen moet het materiaal reeds bestaan op het moment van vorderen, zodat de verdachte niet gedwongen wordt het te vervaardigen of over de strekking ervan te verklaren,

- de vorderende overheidsinstantie moet er de hand op kunnen leggen e.q. kennis van kunnen nemen door eigenmachtig gebruik van dwangmidddelen, zonder afgedwongen actieve medewerking van de verdachte.

Het moeten ondergaan van bijvoorbeeld een huiszoeking, ademproef of bloedafname levert geen gedwongen (actieve) medewerking aan bewijsvergaring op, maar slechts een dulden waartegen geen nemo tenetur-bezwaren bestaan. Deze categorie bewijsmiddelen zou ook wel 'nontestimonial physical evidence' genoemd kunnen worden. Kan de overheid niet zonder dwang of druk tegen de wil van de verdachte kennis nemen van het gevorderde materiaal, dan gaat het niet om Saunders-materiaal en is dwang tot actieve medewerking van de verdachte aan de kennisneming ervan in strijd met artikel 6 EVRM, hoezeer ook het gevorderde mogelijk in reeds bestaande documenten te vinden zou kunnen zijn die de fiscus echter niet kan vinden zonder medewerking van de belastingplichtige/verdachte af te dwingen of die voor de fiscus niet te duiden zijn zonder medewerking van de verdachte.

Uit het arrest Chambaz tenslotte kan worden afgeleid dat het niet-voldoen aan normale verplichtingen ten dienste van de belastingheffing (zoals boekhouding ter inzage geven, aangifte doen en antwoorden op vragen van de inspecteur) met straf bedreigd en vervolgd mag worden, maar dat zodra de om medewerking gevraagde belastingplichtige niet kan uitsluiten dat zijn medewerking (mede) strekt tot bewijsverwerving ten dienste van een mogelijke strafvervolging ter zake van dezelfde feiten, zijn weigering om mee te werken niet bestraft mag worden met een hogere geldsanctie dan £ 300 (Allen), £ 1.000 (0'Halloranand en Francis), laat staan een vrijheidsbenemende straf. Als de Staten dat onwenselijk vinden (omdat de vermoedelijke belastingontduiker dan straffeloos zou kunnen weigeren zijn wettelijke fiscale verplichtingen na te komen waar de oppassende burger wél onder sanctiedreiging moet meewerken), moeten zij procedurele garanties inbouwen dat de afgedwongen heffingsinformatie niet gebruikt wordt voor substantiering van een criminalcharge ter zake van dezelfde feiten.

Gelet op het bovenstaande en de overige jurisprudentie van het EHRM met betrekking tot dit onderwerp kan worden geconcludeerd dat een ieder is gehouden zijn wettelijke verplichtingen ten dienste van het (fiscaal-)bestuurlijke toezicht na te komen,óók zijn informatieverstrekkingsplichten, en zonder grondrechtelijk bezwaar bestraft kan worden als hij dat niet of onjuist doet. Als echter sprake is van een criminalcharge, en ook als dat (nog) niet het geval is, maar de betrokkene niet kan uitsluiten dat de van hem in de toezichtsfeer onder dwang gevorderde informatie ook strafvorderlijk tegen hem gebruikt zal worden, dan kan hij niet zonder schending van artikel 6 EVRM bestraft of met straf of boete bedreigd worden voor het niet-verklaren of niet-overhandigen van'testimonial o rcommunicative evidence',waaronder begrepen documenten waarop de autoriteiten zonder zijn actieve medewerking niet de hand kunnen leggen, tenzij:

- het gaat om boeten of druk waarvan onder de gegeven omstandigheden niemand wakker hoeft te liggen en de sanctie in elk geval niet vrijheidsbenemend is, en

- er procedurele waarborgen bestaan dat de in de toezichtsfeer afgedwongen informatie of documenten niet strafvorderlijk gebruikt zullen worden.

Het hele proces-verbaal kunt u hier lezen.

Weteringschans 237
1017 XH Amsterdam

T 020 - 676 04 81
F 020 - 676 04 82
E info@jaeger.nl

neem contact op

Jaeger maakt gebruik van cookies

Wij plaatsen cookies om uw ervaring op de website te verbeteren. De cookies die vereist zijn om de website te gebruiken zijn wettelijk toegestaan. Voor de andere cookies kunt u hieronder toestemming geven.

meer informatie