Belanghebbende heeft wel de vereiste aangifte gedaan

  

Belanghebbende heeft wel de vereiste aangifte gedaan

Gepubliceerd in: NTFR 2015/3189
Datum: 08-10-2015
Auteur(s): M.H.W.N. Lammers

Bekijk PDF





NTFR2015/3189 Belanghebbende heeftwelde vereiste aangifte gedaan
Gerechtshof ’s-Hertogenbosch08oktober2015,nr.14/00900 Gerechtshof ’s-Hertogenbosch08oktober2015,nr.14/00901 Gerechtshof ’s-Hertogenbosch08oktober2015,nr.14/00902 Gerechtshof ’s-Hertogenbosch08oktober2015,nr.14/00903 Gerechtshof ’s-Hertogenbosch08oktober2015,nr.14/00904 Gerechtshof ’s-Hertogenbosch08oktober2015,nr.14/00905
Belastingjaar/tijdvak Trefwoorden
2009-2010Brondocument informatiebeschikking,
omkering bewijslast, redelijke schatting, theoretische omzetberekening
AWR-art. 27e
mr. M.H.W.N. Lammers
Wetsartikelen Auteur
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2015:4045
Samenvatting
Belanghebbende exploiteerteenGrieks restaurant.De inspecteur heeft,vanwege de door hem geconstateerde gebrekeninde
administratie,eentheoretische omzetberekening gemaaktop grond waarvanwinst- enomzetcorrecties zijnvastgesteld endiverse aanslagenzijnopgelegd.Er is geeninformatiebeschikking gegeven.De inspecteur bepleittoepassing vanart.27e AWR(omkering van de bewijslast),omdatde vereiste aangiftennietzijngedaan.Hethofoverweegtdatde vereiste aangifte nietis gedaanindieneen aanzienlijk te lage aangifte is gedaan,zowelinabsolute als inrelatieve omvang,enbelastingplichtige tentijde vanhetdoenvande aangifte wistofzichervanbewustmoestzijndattotdie bedoelde omvang eente lage aangifte is gedaan.De bewijslasthiervanrustop de inspecteur.Eerstnadatditbewijs is geleverd,kaneentheoretische omzetberekening wordengebruiktvoor eenbepaling vande juiste omzetenwinst.Tegenover de gemotiveerde betwisting door belanghebbende vande aannames waarop de theoretische omzetberekening is gebaseerd,maaktde inspecteur nietaannemelijk datde aangegevenwinst,respectievelijk omzet,te laag is.De aanslagenwordenovereenkomstig de aangiftenvastgesteld ende boetes wordenvernietigd.
(Hoger beroep gegrond.)
Commentaar
Metingang van1 juli 2011 kande bewijslastineenbezwaar-,(hoger)beroepsfase en/ofde cassatiefase alleenplaatsvindenals de
inspecteur aannemelijk maaktdatde vereiste aangifte nietis gedaanofsprake is vaneenonherroepelijke informatiebeschikking.Met enige regelmaatkomthetvoor datde inspecteur eenboekenonderzoek houdtbijeenbelastingplichtige endaarbijconstateertdatniet voldaanwordtaande inlichtingenplichten/ofde administratie- enbewaarplicht.De inspecteur vermeldtdeze constatering inzijn controlerapport.Maar daarmee is de inspecteur er nog niet.De inspecteur zaleeninformatiebeschikking moetennemenom dit standpuntinde volgende fase ook daadwerkelijk te kunnenbenutten.Datvergeetde inspecteur metenige regelmaat.De Hoge Raad heeftde inspecteur recenteenhandreiking gedaandoor te oordelendatditgebrek inde bezwaarfase nog kanwordenhersteld (HR2 oktober 2015,nr.14/06080,NTFR2015/2711).
Inde zaak waarover HofDenBoschmoestoordelenwas de inspecteur ‘vergeten’ eeninformatiebeschikking afte geven.Deze vergissing had hijinde bezwaarfase niethersteld.Geletop de criteria voor omkering enverzwaring vande bewijslast(art.25,lid 3,en art.27e AWR) betekentditdataandeze ‘sanctie’ alleenkanwordentoegekomenals de inspecteur aannemelijk maaktdatde vereiste aangifte nietis gedaan.Inde onderhavige zaak haaltde inspecteur daartoe aandatde belastingplichtige nietheeftvoldaanaanzijn administratieplicht.De administratie biedtdaardoor,aldus de inspecteur,onvoldoende basis voor de berekening vande behaalde omzetenwinst.Om die redensteltde inspecteur eigenhandig eenomzetberekening op endestilleertdaaruitwatde winstis die volgens hem is behaald.
Hethofoordeeltdatde theoretische omzetberekening vande inspecteur eerstaanbod kankomenals de inspecteur volgens de normale regels vanstellenenbewijzenaannemelijk heeftgemaaktdatde aangifte vande belastingplichtige nietkwalificeertals de vereiste aangifte.Daarbijlooptde inspecteur ertegenaandathijhier infeite geenonderzoek naar heeftgedaan.Na de constatering tijdens hetboekenonderzoek datnietzouzijnvoldaanaande administratieplicht,is de inspecteur directmetzijneigenaannames en suggesties aande slag gegaan.Op basis vandie aannames ensuggesties heefthijde theoretische omzetberekening vastgesteld. Andere feitenen/ofomstandighedenheeftde inspecteur nietnaar vorengebracht.Datbrengthethoftothetoordeeldatde inspecteur nietaannemelijk heeftgemaaktdatde vereiste aangifte nietis gedaan.Ditheefttotgevolg datde inspecteur aannemelijk moetmaken datde belastingplichtige omzetbuitenzijnadministratie endus buitenzijnaangifte heeftgehouden.Omdatde inspecteur ook hierbijniet verder komtdanzijntheoretische omzetberekening,slaagtde inspecteur nietindeze bewijslast.Temeer nude belastingplichtige de aannames ensuggesties vande inspecteur ook gemotiveerd heeftweersproken.Hethofvernietigtdanook de navorderingsaanslagen. Deze uitspraak vanhethofbewijstmaar weer dathetformele belastingrechtvangrootbelang is eneenzaak kan‘makenenbreken’.
[1]Mr.M.H.W.N.Lammers is advocaatbijJaeger advocaten-belastingkundigente Amsterdam.

Bron:http://www.ndfr.nl/link/NTFR2015-3189 Datum:28-4-2016 13:52:12
Alle rechten voorbehouden. Alle auteursrechten en databankrechten van deze tekst worden uitdrukkelijk voorbehouden. Deze rechten berusten bij Sdu Uitgevers. Niets uit NDFRmag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand ofopenbaar gemaakt in enige vorm ofop enige wijze, hetzij elektronisch,mechanisch, door fotokopieën, opnamen ofenige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
All rights reserved. No part ofthis publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without the publisher’s prior consent.



Weteringschans 237
1017 XH Amsterdam

T 020 - 676 04 81
F 020 - 676 04 82
E info@jaeger.nl

neem contact op