Inspecteur heeft ten onrechte de bewijslast omgekeerd

  

Inspecteur heeft ten onrechte de bewijslast omgekeerd

Datum: 25-10-2011
Auteur(s): I.R.J. Thijssen

Bekijk PDF





NTFR2012/79 Inspecteur heeftten onrechte de bewijslast omgekeerd
HofLeeuwarden25oktober2011,nr.10/00182
Belastingjaar/tijdvak Wetsartikelen
Auteur LJN
ECLI
1997Brondocument AWR-art. 47
AWR-art. 52 AWR-art. 25
mr. I.R.J. Thijssen BU2073
ECLI:NL:GHLEE:2011:BU2073
Samenvatting
Belanghebbende ende inspecteur hebbeneenlang trajectafgelegd voordatbelanghebbende haar administratie aande inspecteur ter
beschikking stelt.Inde bezwaarfase vande aanslag vennootschapsbelasting 1997 heeftde inspecteur de bewijslastomgekeerd omdat belanghebbende de bescheidenals bedoeld inart.47 AWRnietter beschikking heeftgesteld.Rechtbank Leeuwardenheefthetberoep hiertegenongegrond verklaard.Hethofoverweegtdatde inspecteur nietinzichtelijk heeftgemaaktdatde door belanghebbende overgelegde administratie onjuistofonvolledig zouzijn.Tenaanzienvande stelling datbelanghebbende nietde vereiste aangifte heeft gedaan,overweegthethofdatnietaannemelijk is gemaaktdatde aangifte op enig puntonjuistis.
(Hoger beroep gegrond.)
Commentaar
Wanneer eeninspecteur ineen(hoger)beroepsprocedure steltdateenbelastingplichtige bepaalde wettelijke verplichtingennietheeft
nageleefd (de vereiste aangifte is nietgedaan,desgevraagd is geeninformatie verstrektofer is op eengebrekkige wijze een administratie gevoerd),danzalde inspecteur zijnstelling – als daarover eengeschilbestaat– op basis vande normale bewijsregels aannemelijk moetenmaken.Inde onderhavige procedure slaagtde inspecteur er nietinom te bewijzendatbelanghebbende bepaalde wettelijke verplichtingennietheeftnageleefd enbijgevolg blijfthetdoor de inspecteur beoogde gevolg – de omkering vande bewijslast– uit.
Zonder omkering vande bewijslastzalde inspecteur – wederom op basis vande normale bewijsregels – aannemelijk moetenmaken waarom hijbijde aanslagoplegging is afgewekenvande door belanghebbende ingediende belastingaangifte (zie HR19 januari 1977, BNB 1977/64).Maar inde onderhavige procedure slaagtde inspecteur ook daar nietinenbijgevolg stelthethofde aanslag – althans: de verliesbeschikking – vastovereenkomstig de door belanghebbende ingediende aangifte.Gezienhetzeer feitelijke karakter vande uitspraak,behoeftdeze geenverder commentaar.
[1]Mr.I.R.J.Thijssenis verbondenaanJaeger Advocaten-belastingkundigen.
Bron:http://www.ndfr.nl/link/NTFR2012-79 Datum:14-4-2016 14:38:43
Alle rechten voorbehouden. Alle auteursrechten en databankrechten van deze tekst worden uitdrukkelijk voorbehouden. Deze rechten berusten bij Sdu Uitgevers. Niets uit NDFRmag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand ofopenbaar gemaakt in enige vorm ofop enige wijze, hetzij elektronisch,mechanisch, door fotokopieën, opnamen ofenige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
All rights reserved. No part ofthis publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without the publisher’s prior consent.



Weteringschans 237
1017 XH Amsterdam

T 020 - 676 04 81
F 020 - 676 04 82
E info@jaeger.nl

neem contact op