Kassasysteem exploitant Chinees-Indisch restaurant voldoet aan administratieplicht

  

Kassasysteem exploitant Chinees-Indisch restaurant voldoet aan administratieplicht

Datum: 16-07-2013
Auteur(s): I.R.J. Thijssen

Bekijk PDF





NTFR2013/1754 KassasysteemexploitantChinees-Indisch restaurantvoldoetaan administratieplicht
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden16juli2013,nr.12/00544 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden16juli2013,nr.12/00545 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden16juli2013,nr.12/00546 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden16juli2013,nr.12/00547 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden16juli2013,nr.12/00548
2004 – 2006Brondocument AWR-art. 52
mr. I.R.J. Thijssen
Belastingjaar/tijdvak Wetsartikelen Auteur
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2013:5304
Samenvatting
Belanghebbende exploiteerteenChinees-Indischrestaurant.Op grond vanverkregenFIOD-informatie bestaathetvermoedendat
belanghebbende vlees ‘zwart’ inkoopt.Belanghebbende maaktgebruik vaneenbepaald kassasysteem.Naar aanleiding vaneen boekenonderzoek heeftde inspecteur de onderhavige navorderingsaanslagenIB ennaheffingsaanslagenOB opgelegd.Deze belastingaanslagenwordeninhoger beroep echter vernietigd.Hethofsteltvoorop dathetkassasysteem vanbelanghebbende voldoet aande eisenvanart.52 AWR.Voorts kanhetbelanghebbende nietwordentegengeworpendatde ‘detailgegevens’ nietzijnbewaard, nude software daarinnietvoorzag.Inzoverre bestaatdanook – anders dande inspecteur bepleit– geengrond voor omkering vande bewijslast.Ook hetFIOD-renseignementis daarvoor ontoereikend.Ditbetekentdatde bewijslastvoor de omzetcorrecties ‘gewoon’ op de inspecteur blijftrusten.Indeze bewijslastis hijechter nietgeslaagd.
(Hoger beroep gegrond.)
Commentaar Thijssen[1]
Inart.52,lid 1,AWRis de verplichting opgenomeneenadministratie te voeren,zonder datwordtomschrevenwatprecies onder het begrip ‘administratie’ moetwordenverstaan.Uitde wetsgeschiedenis blijktdatde eisendie aaneenadministratie wordengesteld onder meer afhankelijk zijnvande ‘aard,omvang,complexiteite.d.vaneenbedrijf’.Inbeginselis eenadministratieplichtige danook vrij om naar eigengoeddunkeninvulling te gevenaande wijze vaninrichting vanzijnadministratie,mits de voor de belastingheffing van belang zijnde gegevens maar juist,volledig encontroleerbaar zijnvastgelegd.Die eis kanmeebrengen‘datvanelk gegevendat eenmaalinverband metdatbedrijfofberoep ofdie werkzaamheid is ontvangen,verzondenofvoor interngebruik vastgelegd’ totde administratie gaatbehoreneningevolge art.52,lid 4,AWRmoetwordenbewaard (KamerstukkenII,1988-1989,21 287,nr.3,p.23). Datzelfde criterium brengtzelfs mee datde fiscale administratie- enbewaarplichtzicheveneens uitstrekttotvalselijk opgemaakte stukken,hoewelhet– paradoxaalgenoeg – ingevolge art.225 Sr.verbodenis dergelijke valse geschriftenvoorhandente hebben(HR 22 februari 2005,nr.01417/04,NTFR2005/351,metcommentaar vanThomas).
Hetonderhavige gevalgaatover eenkleinrestaurantmeteen(kassa)computer waar per klant(per tafel) exactwordtbijgehoudenwelke productenzijnbesteld enafgerekend.Na 2.000 bestellingenloopthetsysteem vast,tenzijer wordt‘opgeschoond’.Alsdanworden detailgegevens ‘verdicht’ totzogenoemde dagomzetlijstenwaarbijde overige (detail)gegevens wordengewist.De vraag is ofhet wissenvande detailgegevens eenbewaarverzuim oplevertals gevolg waarvande bewijslastverschuiftenverzwaart(exart.27e,aanhef enonderdeelb,AWR).Inzijncommentaar bijHR21 maart2008,nr.43.966,NTFR2008/617,schrijftBoxem – naar ik aanneem gechargeerd – over de bewaarplichtvandetailgegevens hetnavolgende:‘Je hoeftdetailgegevens nietbijte houden,maar áls je datnu eenmaaldoet,staathetje nietvrijom deze te wissen’.Indatarrestis de Hoge Raad evenwel‘veronderstellenderwijs’ ervanuitgegaan ‘datde (niet-gemuteerde enniet-verwijderde) detailgegevens vande bestelling vanbelang warenvoor de belastingheffing’,omdataan de hand daarvandoor middelvaneenop goederenniveaute leggenverband tusseninkoop enverkoop de volledigheid vande omzetverantwoording ingeld vielte verifiëren.
Inhetonderhavige gevalgaathethofnietexplicietinop de vraag ofde door belanghebbende gewiste detailgegevens vanbelang zijn
voor de belastingheffing.Hethoflijktimplicietweldaarvanuitte gaanomdathethofzichconcentreertop de vervolgvraag waaromde detailgegevens door belanghebbende zijn‘verdicht’ (endus deels zijngewist).Hethofoordeeltdathetvoor belanghebbende onmogelijk
was om detailgegevens te bewarenals gevolg waarvan‘aanbelanghebbende nietkanwordentegengeworpendatde detailgegevens nietzijnbewaard’.Kennelijk achthethofenerzijds de sanctie vanomkering enverzwaring vande bewijslastte zwaar (ofonevenredig), maar aandie sanctie lijktmijniette ontkomenindienhethofanderzijds vaststeltdatde gewiste detailgegevens vanwezenlijk (fiscaal) belang zijnvoor de controle vande omzetverantwoording.Eensituatie vanovermachtinde zinvanart.54 AWRlijktmijeveneens niet aande orde,zodatik denk datbelanghebbende goed wegkomtmetdeze beslissing vanhethof(alsmede de aanhem toegekende proceskostenvergoeding metwegingsfactor 2).
[1]Mr.I.R.J.Thijssenis verbondenaanJaeger Advocaten-belastingkundigen.
[1]Igor Thijssenis verbondenaanJaeger advocaten-belastingkundigente Amsterdam

Bron:http://www.ndfr.nl/link/NTFR2013-1754 Datum:15-4-2016 10:49:51
Alle rechten voorbehouden. Alle auteursrechten en databankrechten van deze tekst worden uitdrukkelijk voorbehouden. Deze rechten berusten bij Sdu Uitgevers. Niets uit NDFRmag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand ofopenbaar gemaakt in enige vorm ofop enige wijze, hetzij elektronisch,mechanisch, door fotokopieën, opnamen ofenige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
All rights reserved. No part ofthis publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without the publisher’s prior consent.



Weteringschans 237
1017 XH Amsterdam

T 020 - 676 04 81
F 020 - 676 04 82
E info@jaeger.nl

neem contact op