Navordering is mogelijk nadat in het digitale afhandelingsproces van de aangifte een fout is gemaakt

  

Navordering is mogelijk nadat in het digitale afhandelingsproces van de aangifte een fout is gemaakt

Datum: 11-06-2014
Auteur(s): I.R.J. Thijssen

Bekijk PDF





NTFR2014/1966 Navordering is mogelijk nadatin hetdigitale afhandelingsproces van de aangifte een foutis gemaakt
Hof Arnhem-Leeuwarden11juni2014,nr.13/00838 Hof Arnhem-Leeuwarden10juni2014,nr.13/00839
Brondocument Aanverwanteliteratuur
2009-2010 AWR-art. 16
mr. I.R.J. Thijssen
Belastingjaar/tijdvak Wetsartikelen Auteur
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2014:4739
Samenvatting
Nadatde inspecteur per briefheeftgemeld dathijzalafwijkenvande door belanghebbende ingediende aangiftenIB/PVV 2009 en
2010,wordende aanslagentochconform de aangiftenopgelegd.Nadienwordenaanbelanghebbende navorderingsaanslagen opgelegd.
Inhoger beroep is ingeschilofde primitieve aanslagentotte lage bedragenzijnvastgesteld als gevolg vaneenfoutvande behandelend ambtenaar die was belastmetde afhandeling vande aangiften,welke fouterinbestond datdeze heeftnagelatende aangiftenIB/PVV voor de jaren2009 en2010 vanbelanghebbende inhettrajectvangeautomatiseerde afdoening enverwerking van aangiftente blokkerendoor indittrajectvoor hetkeuzebalkje ‘geenautomatische voorlopige aanslag’ te kiezeninplaats vanvoor het keuzebalkje ‘uitworp gewenst’.
De rechtbank heeftde beroepenvanbelanghebbende gegrond verklaard.Hethofis daarentegenvanoordeeldatde behandelend ambtenaar eenfoutheeftgemaaktdie nietis aante merkenals eenverwijtbaar onjuistinzichtvande behandelend ambtenaar inde feitenofinhetrecht.De inspecteur,op wie ter zake de bewijslastrust,heeftaannemelijk gemaaktdatdoor hetkeuzebalkje ‘geen automatische voorlopige aanslag’ aante klikkeninplaats vanhetkeuzebalkje ‘uitworp gewenst’,sprake is geweestvaneenfoutals bedoeld inart.16,lid 2,aanhefenonder c,AWR.
(Hoger beroep gegrond.)
Commentaar
In2008 sluitbelanghebbende een(nieuwe) hypothecaire geldlening afenverantwoordtinzijnaangifte IB/PVV 2008 eenbedrag van€ 
321.000 als eigenwoningschuld.De inspecteur aanvaartbijde aanslag IB/PVV 2008 slechts eendeel(€ 272.891) daarvanals eigenwoningschuld.De inspecteur verzuimtechter de geautomatiseerde verwerking vande door belanghebbende ingediende aangiften IB/PVV 2009 en2010 – waar eveneens eeneigenwoningschuld is verantwoord van€ 321.000 – te blokkerenals gevolg waarvan primitieve aanslagenIB/PVV 2009 en2010 conform de ingediende aangiftenwordenopgelegd.Vervolgens legtde inspecteur navorderingsaanslagenop over de jaren2009 en2010.
Sinds 1 januari 2010 is navordering steeds,dus ook bijafwezigheid vaneennieuwfeit,mogelijk indienbijprimitieve aanslag te weinig belasting is geheven‘tengevolge vaneenfout’ enditde belastingplichtige redelijkerwijs kenbaar is (art.16,lid 2,onderdeelc,AWR). Onlangs heeftde Hoge Raad ineendrietalarresten(HR27 juni 2014,nr.13/02194,NTFR2014/1859,nr.14/00350,NTFR2014/1860 ennr.13/02845,NTFR2014/1861) geoordeeld dathetbegrip ‘fout’ indeze bepaling neutraalenruim is bedoeld endatdaaronder (mede) moetwordenverstaaneenfouttengevolge vande geautomatiseerde verwerking vaneenbelastingaangifte.Onder ‘fout’ wordt evenwelnietverstaaneen‘beoordelingsfout’ vande inspecteur,datwilzeggeneenfoutals gevolg vaneenonjuistinzichtvande inspecteur inde feitendie bepalend zijnvoor de (omvang vande) belastingplichtofeenonjuistinzichtvande inspecteur inhetrecht(HR 8 augustus 2003,nr.37.570,NTFR2003/1399).Eendergelijke ‘beoordelingsfout’ kanzodoende nietop basis vanart.16,lid 2, onderdeelc,AWRwordenhersteld,ook nietindienzijvoor de belastingplichtige kenbaar was.
HoewelHofArnhem-Leeuwardententijde vanhetdoenvande onderhavige uitspraak nog nietop de hoogte konzijnvande drie recente arrestenvande Hoge Raad,oordeelthethofindezelfde lijndater geensprake is vaneen‘beoordelingsfout’ endathetnietblokkeren vande geautomatiseerde verwerking vande aangiftenIB/PVV 2009 en2010 is aante merkenals (herstelbare) ‘fout’ inde zinvanart. 16,lid 2,onderdeelc,AWR.Datdeze ‘fout’ ook kenbaar was voor belanghebbende,leidthethofterechtafuithetfeitdat belanghebbende na de ontvangstvande desbetreffende primitieve aanslagencontactheeftopgenomenmetde inspecteur om zijn verbazing uitte sprekenover hetfeitdatde aanslagenconform de door hem ingediende aangiftenwarenopgelegd.
[1]Mr.I.R.J.Thijssenis verbondenaanJaeger Advocaten-belastingkundigen.
Bron:http://www.ndfr.nl/link/NTFR2014-1966 Datum:11-4-2016 16:06:04
Alle rechten voorbehouden. Alle auteursrechten en databankrechten van deze tekst worden uitdrukkelijk voorbehouden. Deze rechten berusten bij Sdu Uitgevers. Niets uit NDFRmag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand ofopenbaar gemaakt in enige vorm ofop enige wijze, hetzij elektronisch,mechanisch, door fotokopieën, opnamen ofenige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
All rights reserved. No part ofthis publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise, without the publisher’s prior consent.



Weteringschans 237
1017 XH Amsterdam

T 020 - 676 04 81
F 020 - 676 04 82
E info@jaeger.nl

neem contact op