Het verbod op contante betalingen vanaf € 3.000: stappenplan voor accountants en administratieve dienstverleners
Alle pagina's gelinkt aan
Contant geld verliest in Nederland al geruime tijd aan betekenis en vanaf 1 januari 2026 is met de invoering van het verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer het gebruik ervan verder ingeperkt.[1] Daarmee heeft de wetgever een volgende stap gezet in de bestrijding van witwassen en de financiering van terrorisme. Deze maatregel raakt niet alleen goederenhandelaren, maar ook accountants en administratieve dienstverleners die een belangrijke poortwachtersrol vervullen. Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) heeft in samenspraak met het Novak voor deze groep dienstverleners een stappenplan geformuleerd. Een contante betaling van € 3.000 of meer brengt namelijk een verhoogde alertheid met zich mee, omdat hierdoor een meldingsplicht in het kader van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) ontstaat.
In deze blog bespreek ik kort wat het verbod op contante betalingen inhoudt, de verplichting om ongebruikelijke transacties te melden, het stappenplan en de gevolgen van het niet, te laat of onjuist melden van ongebruikelijke transacties.

Het verbod op contante betalingen
Het verbod op contante betalingen vanaf € 3.000 geldt voor beroeps- of bedrijfsmatige handelaren in nieuwe en tweedehands goederen (goederenhandelaar). Zij mogen vanaf 1 januari 2026 geen contante betalingen boven het drempelbedrag accepteren of verrichten.[2] Het doel van deze maatregel is het beperken van risico’s op witwassen en andere vormen van financiële criminaliteit. Grote contante geldstromen zijn moeilijk te volgen en bieden daardoor ruimte voor misbruik. Door het gebruik van contant geld bij grote transacties terug te dringen, moet de transparantie in het betalingsverkeer worden vergroot en is het financiële stelsel beter beschermd.[3]
Voor het verbod maakt het geen verschil of een bedrag in één keer wordt betaald (of ontvangen), of wordt opgesplitst in meerdere kleinere bedragen die samen één en dezelfde transactie vormen. Hetzelfde geldt voor een samengestelde transactie.[4] Daarvan is overigens al vrij snel sprake. Zo is dat al het geval wanneer een man en een vrouw beiden een horloge kopen van € 2.500, zij een aparte factuur krijgen, maar zij het bedrag van in totaal € 5.000 ineens contant betalen. Er bestaat dan een dermate groot verband tussen de transacties dat sprake is van een samengestelde transactie. De gedachte daarachter is dat het aannemelijk is dat de contante betalingen afkomstig zijn uit één en hetzelfde vermogen.
Het verbod heeft betrekking op contante betalingen die ‘in Nederland of vanuit Nederland’ worden gedaan. Er is sprake van een transactie die ‘in of vanuit Nederland’ plaatsvindt wanneer een deel van de handeling zich in Nederland afspeelt. Daarbij is het belangrijk om te benadrukken dat het begrip ‘transactie’ ruimer is dan alleen de betaling zelf. Het omvat het volledige proces waarbij een goed wordt aangeboden en geleverd in ruil voor contant geld.[5] Indien in dat proces enige link is met Nederland, dan is een contante betaling, ongeacht of deze in het buitenland plaatsvindt, verboden.
Een autohandelaar die vanuit Nederland telefonische overeenstemming bereikt over de aankoop van een tweedehandsauto en het overeengekomen bedrag van € 3.000 contant in Duitsland voldoet, handelt in strijd met het verbod.
Het melden van ongebruikelijke transacties
Voor accountants en administratieve dienstverleners brengt het verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer een verhoogde alertheid met zich mee. Het aantreffen van een dergelijke (samengestelde) transactie in de administratie van een cliënt vraagt namelijk om een inhoudelijke beoordeling in het kader van de Wwft. De accountant of administratieve dienstverlener moet daarbij beoordelen of sprake is van een overtreding en zo ja, welke vervolgstappen noodzakelijk zijn.
Aangezien contante betalingen van € 3.000 of meer strafbaar zijn gesteld, zullen deze transactie in de praktijk vaak aanleiding geven om een melding te doen bij de Financial Intelligence Unit (FIU).[6] De meldplicht is echter gebaseerd op subjectieve indicatoren waardoor een beoordeling moet plaatsvinden aan de hand van alle feiten en omstandigheden. Dat vergt van accountants en administratieve dienstverleners een professioneel oordeel.
Uit het hierna te bespreken stappenplan van het BFT in samenspraak met het Novak[7] volgt dat accounts en juridische dienstverleners bij die beoordeling moeten letten op:
- het structureel overtreden van het verbod;
- splitsingen (bijvoorbeeld meerdere betalingen van net onder de grens);
- sectorrisico (autohandel, handel in luxegoederen, etc.);
- onlogische kasstromen, gebrekkige documentatie of vage verklaringen; en
- overige signalen van fraude/fiscale delicten.
Pas bij een redelijke verdenking van witwassen en/of terrorismefinanciering moet de accountant of administratieve dienstverlener de transactie melden bij de FIU. Het is echter wel verstandig om daar niet lichtzinnig mee om te gaan. Dat houdt onder meer in dat men actief contact opneemt met de cliënt, navraag doet naar de feiten en omstandigheden rondom de transactie, de cliënt informeert over het verbod op contante betalingen en alle stappen schriftelijk vastlegt in het Wwft-dossier. Bij twijfel is het verstandig uit voorzorg een melding bij de FIU te doen. Op deze manier wordt het risico op civielrechtelijke en strafrechtelijke aansprakelijkheid beperkt. Van essentieel belang is dat de betreffende cliënt niet mag worden geïnformeerd over de melding.[8]
Het stappenplan van het BFT
Het BFT heeft in samenspraak met het Novak een stappenplan geformuleerd voor accountants en administratieve dienstverleners die hebben vastgesteld dat er een betaling van € 3.000 of meer heeft plaatsgevonden. Zodoende kunnen zij gestructureerd en consistent handelen wanneer zij te maken krijgen met verboden contante betalingen.
De aanpak begint volgens het stappenplan bij het herkennen en vastleggen van (risico)signalen. Zodra een accountant een ongeoorloofde contante betaling constateert, moet hij de feiten in kaart brengen. Vervolgens moet hij beoordelen of daadwerkelijk sprake is van een overtreding en welke gevolgen dit kan hebben voor de cliënt en de jaarrekening. Een open gesprek met de cliënt speelt daarbij een centrale rol. Uiteindelijk kan de situatie aanleiding geven tot aanvullend cliëntenonderzoek of tot een melding bij de FIU op basis van de subjectieve indicatoren. De subjectieve indicatoren zijn dus leidend.
Bij een structurele of ernstige overtreding moet de accountant de voortzetting van de cliëntrelatie kritisch beoordelen. Indien de cliënt onvoldoende bereidheid toont om zich aan de wet te houden, kan de accountant aanvullende voorwaarden stellen, zoals een schriftelijke bevestiging van aangepast beleid en interne monitoring van contante transacties. In extreme gevallen moet dit zelfs leiden tot beëindiging van de cliëntrelatie.
Tot slot moet elke geconstateerde casus bijdragen aan een interne borging en verbetering. De ervaring moet worden gebruikt om medewerkers te trainen in het herkennen en opvolgen van dergelijke signalen en interne procedures zo nodig aan te scherpen zodat het betreffende kantoor beter is voorbereid op toekomstige risico’s rond het contantenverbod.
De gevolgen van niet, niet tijdig of onjuist melden
Het BFT houdt toezicht op de naleving van de Wwft. Indien een accountant een ongebruikelijke transactie niet, niet tijdig of onjuist meldt, kan dit bestuursrechtelijke handhaving tot gevolg hebben. De maatregelen kunnen onder meer bestaan uit het opleggen van een bestuurlijke boete, een last onder dwangsom, een aanwijzing om binnen een gestelde termijn de naleving te herstellen en/of de openbaarmaking van de opgelegde maatregel.
De Wwft onderscheidt drie boetecategorieën met wettelijke basisbedragen van respectievelijk € 10.000, € 500.000 en € 2.000.000. In de praktijk lopen de daadwerkelijk opgelegde boetes uiteen van enkele duizenden euro’s tot bedragen van bijna € 25.000. Bij het vaststellen van de boetehoogte hanteert het BFT het wettelijke basisbedrag als uitgangspunt. Dit bedrag wordt vervolgens, afhankelijk van factoren zoals de ernst en duur van de overtreding, de mate van verwijtbaarheid en de financiële draagkracht van de overtreder, aangepast tot een percentage van 1% tot 5% van de meest recent bekende jaaromzet. Bij een overtreding van de meldplicht ten aanzien van een ongebruikelijke transactie wordt volgens het geldende beleid doorgaans een boete opgelegd van 3% van de omzet.
In ernstigere gevallen behoort strafrechtelijke vervolging eveneens tot de mogelijkheden. Een overtreding van de Wwft kwalificeert namelijk als een economisch delict in de zin van de Wet op de economische delicten. De mogelijke sancties zijn een gevangenisstraf van maximaal twee jaar, een geldboete van de vierde categorie of een taakstraf. Een combinatie van deze straffen is ook mogelijk. Indien sprake is van een structurele overtreding van de Wwft, kan de maximale gevangenisstraf oplopen tot vier jaar.
Tot slot
Het verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer betekent een duidelijke verschuiving in de manier waarop grote transacties in Nederland plaatsvinden. Het raakt niet alleen ondernemers, maar ook accountants en administratieve dienstverleners omdat zij hierdoor mogelijk meldingsplichtig worden. Een zorgvuldige praktische en juridische voorbereiding is dus vereist. Het niet, te laat of onjuist melden heeft immers aanzienlijke bestuursrechtelijke of strafrechtelijke consequenties. Is het BFT voornemens om een boete aan u op te leggen? Of bent u verdachte in een strafrechtelijk onderzoek? Neem dan contact op met Jurgen Scheltema of een van onze andere specialisten om uw zaak de bespreken.

mr. J.J. Scheltema
scheltema@jaeger.nl
020 – 676 04 81
NOTEN:
[1] Wet plan van aanpak witwassen.
[2] Artikel 1f Wwft.
[3] Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 36 228, nr. 3, p. 1.
[4] Artikel 1a, vierde lid, onder i Wwft.
[5] Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 36 228, nr. 3, p. 46.
[6] Artikel 16 Wwft.
[7] Novak is de service- en de belangenorganisatie voor mkb-accountants.
[8] Artikel 23 Wwft.
Stuur een reactie naar de auteur