Moet ik goud aangeven bij de Belastingdienst? Dit zijn de fiscale regels
Alle pagina's gelinkt aan
Goud als belegging? Lees wanneer u goud moet aangeven bij de Belastingdienst, wat de risico’s zijn van niet aangeven en hoe inkeer werkt.
Goud moet worden aangegeven in de aangifte inkomstenbelasting als het als belegging wordt gehouden. Dat geldt voor fysiek goud en ander edelmetaal, bijvoorbeeld in de vorm van staven of munten, en voor goud waarin via een beleggingsrekening wordt belegd. Gouden sieraden voor persoonlijk gebruik hoeven niet te worden aangegeven. Gouden munten zoals Krugerrand en Maple Leaf worden niet als verzameling voor persoonlijk gebruik gezien, maar als belegging. Door de gestegen goudkoers zien wij steeds meer cliënten die hun goud niet hebben opgegeven en dat willen corrigeren. In dit blog bespreek ik een aantal aandachtspunten.

Hoe weet de Belastingdienst dat ik goud heb?
De kans dat niet opgegeven goud wordt ontdekt door de Belastingdienst neemt de laatste jaren toe. Goud wordt gebruikt om crimineel geld wit te wassen. De regels die dat proberen te voorkomen raken ook beleggers die hun geld legaal hebben verdiend. Zo is er een verbod op contante betalingen boven de € 3.000. Anoniem goud kopen en verkopen is dus beperkt mogelijk. De regels van de FIU vereisen dat goudhandelaren transacties bij elkaar optellen (ook tussen echtgenoten) en melding maken van ongebruikelijke aankopen. Er worden boetes uitgedeeld aan handelaren die zich niet aan de regels houden. Goud meenemen uit het buitenland is ook aan regels gebonden. Verkoopt u goud tegen contanten en stort u de opbrengst op uw bankrekening? De bank stelt dan mogelijk vragen in het kader van het anti-witwas-onderzoek dat zij verplicht uitvoert. De bank kan bewijs verlangen dat uw goud bij de Belastingdienst is opgegeven. Goudkopers- en verkopers die gebruiken maken van een online platform raken ook bekend bij de Belastingdienst. Goudbezit dat pas bekend wordt in een aangifte erfbelasting leidt doorgaans tot correcties van door de overleden goudbezitter aangegeven inkomens via navorderingen inkomstenbelasting die worden opgelegd aan diens erfgenamen.
Hoeveel belasting moet ik betalen over goud?
De Wet Inkomstenbelasting veronderstelt dat mensen rendement maken op vermogen (zoals rente of dividend). Dat rendement wordt door de Belastingdienst geschat en vervolgens belast. Het bijbehorende belastingtarief ligt de afgelopen jaren rond de 33%. Er zijn rechtszaken gevoerd over de schatting van de Belastingdienst; in veel gevallen bleken die schattingen te hoog en verlaagde de rechter de opgelegde belastingaanslagen. Door deze ontwikkelingen zijn er momenteel drie methodes om het rendement op vermogen te berekenen:
- De zogenoemde oude methode, uitgaande van een fictieve verdeling van vermogensbestanddelen.
- De zogenoemde nieuwe methode, uitgaande van de daadwerkelijke verdeling van vermogensbestanddelen. Bij de methodes 1 en 2 wordt een schatting gemaakt van het rendement op basis van wettelijke uitgangspunten en veronderstellingen.
- Het werkelijk rendement zoals bedoeld in het Kerstarrest. Onder werkelijk rendement valt ook koerswinst die nog niet gerealiseerd is. Een praktijkvoorbeeld uit de rechtspraak: een man had in een jaar een koerswinst gemaakt op een goudstaaf van € 701, terwijl de Belastingdienst uitging van € 1.936 aan rendement op basis van de schatting via de nieuwe methode. De rechtbank verlaagde het rendement (en dus de aanslag) tot het werkelijk rendement.
Gebruikelijk is om de belasting te berekenen volgens deze drie methodes en te kiezen voor de gunstigste.
Kan ik niet-opgegeven goud corrigeren via de inkeerregeling?
Er bestaat geen verplichting om een te lage aangifte inkomstenbelasting te corrigeren. Correctie op eigen initiatief wordt wel aangemoedigd met een speciale regeling ‘vrijwillige verbetering’ (ook wel inkeerregeling genoemd). Het voordeel van deze regeling is dat als een boete wordt opgelegd, die boete lager is dan wanneer de fiscus de fraude zelf op het spoor komt. Daarnaast verkleint het de kans op een strafrechtelijk onderzoek naar belastingfraude. Strafrechtelijk onderzoek is mogelijk als in totaal (over alle jaren dat het goudbezit werd verzwegen) € 20.000 of meer te weinig belasting is geheven terwijl wordt vermoed dat dit opzettelijk is gebeurd. Vanaf een fiscaal nadeel van € 100.000 is het uitgangspunt dat de zaak strafrechtelijk wordt vervolgd. Door in te keren neemt de kans op een strafzaak over het algemeen af. Voor goud dat in Nederland wordt aangehouden kan belasting worden nagevorderd over de afgelopen vijf jaar. Die termijn wordt verlengd met de termijn waarvoor uitstel is verleend om belastingaangifte te doen. Bij inkeer betaalt u de belasting die destijds niet werd geheven, mogelijk een boete en rente over de laat geheven belasting. Bij inkeer stelt de Belastingdienst vragen over de herkomst van het goud, bijvoorbeeld met welk inkomen het goud is gekocht.
Conclusie
Goud is de afgelopen jaren flink in waarde gestegen. Dat is mooi voor de goudbezitter, maar het brengt ook risico’s mee als het goud niet is aangegeven bij de Belastingdienst. Er zijn namelijk steeds meer regels om niet-aangegeven goud op te sporen. Om betrapping door de Belastingdienst te voorkomen kiezen steeds meer goudbezitters ervoor aangiftes uit het verleden op eigen initiatief te corrigeren. Overweegt u in te keren en heeft u daarbij hulp nodig? Neem dan contact op met Nick van den Hoek of met een van onze specialisten om uw zaak te bespreken.

mr. N. van den Hoek
vandenhoek@jaeger.nl
020 – 676 04 81
Stuur een reactie naar de auteur